Hiermee kun je pixels van de actieve laag mengen met pixels
van onderliggende lagen. De actieve laag is de menglaag. Iedere laag heeft een
mengmodus, normaal is dat de modus normaal. Open het Palet lagen om de
modi te bekijken. De achtergrondlaag moet ongezet worden in een laag
om mengmodus actief te maken.
Voor PSP7 is deze lijst identiek op één uitzondering na: Overlay
heet daar Doorkijk.
Uitleg over de mengmodi volgens Help
van PSP8:
"Geselecteerde laag" duidt op de laag waarvoor
u de mengmodus instelt.
N.B.: Voor verschillende mengmodi is de overdracht van kleurkanalen verbeterd.
Deze mengmodi zijn mogelijk niet compatibel met andere toepassingen. Gebruik
de mengmodi met de aanduiding 'oud' voor compatibiliteit met andere toepassingen.
Normaal:
Pixels van onderliggende lagen worden weergegeven op basis van de
dekking van pixels op de geselecteerde laag. Als gegevens volledig dekkend
zijn, zijn er geen pixels zichtbaar. Hoe lager de dekking, des te meer
pixels er van onderliggende lagen zichtbaar zijn.
Donkerder
Pixels in de geselecteerde laag die donkerder zijn dan de onderliggende
lagen, worden weergegeven. Pixels die lichter zijn dan de onderliggende
lagen, verdwijnen.
Lichter
Pixels in de geselecteerde laag die lichter zijn dan de onderliggende
lagen, worden weergegeven. Pixels die donkerder zijn dan de onderliggende
lagen, verdwijnen.
Kleurtoon
De kleurtoon van de geselecteerde laag wordt toegepast op de onderliggende
lagen (waarbij de verzadiging en helderheid ongewijzigd blijven).
Kleurtoon (oud)
De kleurtoon van de geselecteerde laag wordt toegepast op de onderliggende
lagen (waarbij de verzadiging en helderheid ongewijzigd blijven).
Verzadiging
De verzadiging van de geselecteerde laag wordt toegepast op de onderliggende
lagen (waarbij de kleurtoon en helderheid ongewijzigd blijven).
Verzadiging (oud)
De verzadiging van de geselecteerde laag wordt toegepast op de onderliggende
lagen (waarbij de kleurtoon en helderheid ongewijzigd blijven).
Kleur
De kleurtoon en verzadiging van de geselecteerde laag worden toegepast
op de onderliggende lagen (waarbij de helderheid ongewijzigd blijft).
Kleur (oud)
De kleurtoon en verzadiging van de geselecteerde laag worden toegepast
op de onderliggende lagen (waarbij de helderheid ongewijzigd blijft).
Luminantie
De luminantie (of helderheid) van de geselecteerde laag wordt toegepast
op de onderliggende lagen (waarbij de kleurtoon en verzadiging ongewijzigd
blijven).
Luminantie (oud)
De luminantie (of helderheid) van de geselecteerde laag wordt toegepast
op de onderliggende lagen (waarbij de kleurtoon en verzadiging ongewijzigd
blijven).
Vermenigvuldigen
De kleuren van de geselecteerde laag worden gecombineerd met de onderliggende
lagen, waardoor een donkerdere kleur ontstaat. Vermenigvuldiging van een
kleur met zwart levert zwart op. Bij vermenigvuldiging met wit blijft
een kleur ongewijzigd.
Bleken
De kleuren van onderliggende lagen worden lichter gemaakt door het
tegenovergestelde van de geselecteerde en onderliggende lagen te vermenigvuldigen.
De resulterende kleur komt overeen met de geselecteerde laag of is een
lichtere versie hiervan.
Oplossen
De kleuren van een aantal pixels op de geselecteerde laag worden op
willekeurige wijze vervangen door pixels van de onderliggende lagen, waardoor
een stippeleffect ontstaat. Hoeveel pixels worden vervangen, is afhankelijk
van de dekking van de geselecteerde laag: hoe lager de dekking, des te meer
pixels worden vervangen.
Overlay
Combinatie van de mengmodi Vermenigvuldigen en Bleken. Als de kleurkanaalwaarde
van onderliggende lagen kleiner is dan de helft van de maximumwaarde, wordt
de mengmodus Vermenigvuldigen gebruikt. Is de kleurkanaalwaarde gelijk aan
of groter dan de helft van de waarde, dan wordt de mengmodus Bleken gebruikt.
In de mengmodus Overlay worden patronen of kleuren van de geselecteerde
laag weergegeven, terwijl de schaduwen en hoge lichten van onderliggende
lagen bewaard blijven.
Hard licht
Combinatie van de mengmodi Vermenigvuldigen en Bleken. Als de kleurkanaalwaarde
van de geselecteerde laag kleiner is dan 128, wordt de mengmodus Vermenigvuldigen
gebruikt. Is de kleurkanaalwaarde gelijk aan of groter dan 128, dan wordt
de mengmodus Bleken gebruikt. In de regel gebruikt u de mengmodus Hard licht
om hoge lichten of schaduwen toe te voegen.
Zacht licht
Combinatie van de mengmodi Doordrukken en Tegenhouden. Als de kleurkanaalwaarde
van de geselecteerde laag kleiner is dan 128, wordt de mengmodus Doordrukken
gebruikt. Is de kleurkanaalwaarde gelijk aan of groter dan 128, dan wordt
de mengmodus Tegenhouden gebruikt. In de regel gebruikt u de mengmodus Zacht
licht voor het toevoegen van schaduwen of hoge lichten die vaag van omtrek
zijn.
Verschil
De kleur van de onderliggende lagen wordt verminderd met de kleur van
de geselecteerde laag.
Tegenhouden
De helderheidswaarden van de kleuren in de geselecteerde laag maken
de kleuren van de onderliggende lagen lichter, waardoor een lichtere afbeelding
ontstaat. Lichte kleuren leveren het lichtste resultaat op. Zwart heeft
geen effect.
Doordrukken
De helderheidswaarden van de geselecteerde laag maken de kleuren van
de onderliggende lagen donkerder, waardoor de afbeelding donkerder wordt.
Uitsluiten
Creëert hetzelfde soort effect als de mengmodus Verschil, maar
iets zachter.
Hele mooie effecten zijn te behalen door lagen te mengen. Open het bestand
"landscape with tree" uit de map Images van PSP7 en kijk eens naar
het Palet Lagen. Er is van alles gedaan met de mengmodi....Mocht je PSP7 niet
(meer) hebben, dan is het bestand Vectorbaloon (?) uit de map Voorbeeldafbeeldingen
ook een goed voorbeeld.
Hoe dan ook... wijzig zelf de mengmodus én het dekkingspercentage
van bepaalde lagen en bekijk steeds het resultaat.